Persoonlijk Leiderschap
start 25 september 2019

Cor van Wijngaarden: ‘Zo kan ik de inhoud van deze modules en mijn eigen leerproces wederom direct matchen met de actualiteit.’

MEL-student wederom aan het woord:

Cor van Wijngaarden, Onderwijsmanager STC Group, Rijn- en binnenvaart en Zeevisvaart

Dit onderwijsjaar ging onze nieuwe Master Educational Leadership (MEL) in première. Inmiddels is de eerste lichting MEL-studenten volop bezig hun leiderschap te verdiepen. Of, zoals wij het graag verwoorden: aan het doorgroeien naar excellent en betekenisvol leiderschap.

Maar wat betekent dat concreet in de praktijk? Hoe is de MEL opgebouwd, wat wordt er van de studenten gevraagd, en hoe ervaren zij dat? Voldoet de opleiding aan hun verwachtingen, en wat kunnen ze ermee in hun dagelijkse praktijk als leidinggevende?

Om die vragen te beantwoorden, besloten we 2 MEL-studenten te volgen tijdens hun hele master. In november interviewden we Cor van Wijngaarden al. Nu vertelt hij hoe het hem sindsdien verging. In november interviewden we Cor al. Nu (maart 2022) vertelt hij hoe het hem sindsdien verging.

Cor: “Nog steeds is de inhoud direct te koppelen aan mijn praktijk”

Cor vertelde in november dat hij de MEL onder andere volgt om zijn visie op onderwijs beter te kunnen onderbouwen. Om zo makkelijker draagvlak te creëren bij zijn team. En vervolgens die visie te verwerkelijken. Hij wil daarbij een verbindend leider worden, met een eigen – eveneens onderbouwde – leiderschapsstijl. Heeft hij daar inmiddels meer stappen in gemaakt?

Heeft de MEL je sinds november geholpen om je leiderschap te verdiepen en ontwikkelen?

“Ja, ik heb me gigantisch ontwikkeld. Veel dingen pak ik nu anders aan, vanuit inzichten in wie ik als leider ben.

Zo organiseerde ik laatst een studiedag met het team Binnenvaart. Die richtte ik in op basis van wat ik bij de MEL leerde. We gingen met elkaar in gesprek over de vraag ‘van wie is nu het onderwijs?’. Als antwoord kreeg ik: ‘Cor, jij bepaalt het onderwijs toch?’ Ik maakte duidelijk dat ik slechts de kaders bepaal, maar dat zíj de inhoud bepalen.

Het doel was om zo meer eigenaarschap binnen het team te creëren. En dat zie ik nu al gebeuren: teamleden nemen zelf initiatief en worden trotser op wat ze doen.

Ook de leerlingen vinden de lessen leuker. Want we kijken nadrukkelijk naar hen: heeft iedere leerling hetzelfde onderwijs nodig? Het antwoord is natuurlijk ‘nee’. We kijken daarom ook hoe we het onderwijs kunnen differentiëren. Uiteindelijk bepalen zíj of het onderwijs van kwaliteit is.”

Betekent dat dat jij ook minder invult voor het team?

“Zeker! Zo zat ik afgelopen woensdag met één van mijn teams, om de lestabel van volgend jaar in te vullen. Normaal heb ik dan al heel veel voorwerk gedaan. Nu kwam ik met een nog voornamelijk lege tabel.

Dat gaf direct ruimte. Want normaal is het curriculum best knellend: er zijn heel veel uurtjes die ‘moeten’. Maar als we naar de leerling luisteren, zijn al die uurtjes dan nodig?

Dus wat als we de lestabel invullen vanuit een concrete teamvisie op onderwijs, mede gevormd door de wensen van de leerlingen? Dan reik je misschien minder theorie aan, maar wát je aanreikt, wordt gewaardeerd en landt.”

Zijn dat ideeën die je vanuit de MEL hebt opgedaan?

“Nee, voorheen dacht ik ook over dit soort dingen na. Soms besprak ik dat binnen het MT. Dan zeiden we: ‘Ja, daar moeten we iets mee doen.’ Maar daar bleef het vervolgens bij.

Wat nu anders is – dankzij de MEL – is dat ik die ideeën kan onderbouwen. En dat ik een gereedschapskist heb om ze goed te presenteren en verwerkelijken. Dat geeft natuurlijk een hele andere uitstraling.”

Hoe krijgt dit concreet vorm binnen de organisatie?

“Het begint met die onderbouwde visie ontwikkelen. Daar zijn we nu echt mee bezig. Want ja, we willen van die frontale lessen af, die leerlingen vooral in de ‘bioscoopstand’ drukt.

Het is bijzonder als je gaat analyseren hoe we het nu doen: vanuit kaders en een curriculum dat zorgt voor een eenheidsworst, die ervoor zorgen dat iedereen hetzelfde les krijgt. Waardoor docenten steeds hetzelfde kunstje doen. Niet echt inspirerend dus.

Terwijl we een innovatieve school zijn met ongekende faciliteiten. Maar níet die theorielokalen; die zijn allesbehalve innovatief.

Zo bezig zijn met elkaar, dit analyseren, is ook nog eens ontzettend leuk. Want we weten dat we op weg zijn naar een nieuwe manier van lesgeven. Eén die iedereen ten goede komt, de leerlingen en docenten voorop.”

Cor van Wijngaarden Rotterdam

Hoe bevalt de masteropleiding in het algemeen?

“Nog steeds is wat we leren direct te gebruiken in de praktijk. Ook de nieuwe modules weer, waar we inmiddels mee zijn begonnen: Omgevingsgericht Leiderschap en Bedrijfskundig Leiderschap.

Beide modules kan ik goed gebruiken bij een concreet strategisch vraagstuk waar we nu mee bezig zijn: ‘Hoe kunnen we meer jongeren enthousiasmeren voor de binnenvaart?’

Welnu, de wet- en regelgeving rond de binnenvaart verandert. Wat betekent dat we de opleidingen moeten veranderen. Dat is dus de omgeving, die invloed heeft op ons onderwijs.

De vraag is nu: Hoe veranderen we ons onderwijs zodat het ook goed te vermarkten én financieel gezond is? Het antwoord moeten we deels zoeken in de omgeving (hoe ziet de markt eruit, en hoe kunnen we daarop inspelen?) en deel in het bedrijfskundige (welke financiële keuzes moeten we maken?).

Zo kan ik de inhoud van deze modules en mijn eigen leerproces wederom direct matchen met de actualiteit. En daar heeft onze school straks iets aan. Die combinatie is goud waard: én ik ontwikkel mezelf als persoon en leider, én ik help mijn organisatie vooruit.“

Meer informatie over de Master Educational Leadership.

Interviews met Cor

Interview no. 2 met Cor van Wijngaarden, maart 2022.

Interview no. 1 met Cor van Wijngaarden, november 2021.

Spring naar toolbar