Persoonlijk Leiderschap
start 25 september 2019

Leiderschapspraktijken in tijden van Corona de Follow Up
Susan Jansen-Zwart

Vóór de zomervakantie interviewden we schoolleiders, over hoe zij omgingen met de coronacrisis. Inmiddels zijn we al weer een half jaar verder in de tijd en zitten we in een volgende lock-down.  Hoog tijd om bij te praten:

Waar staan we nu medio januari 2021 en hoe hebben scholen de nieuwe schoolsluiting opgepakt? Voor welke uitdagingen staan ze nog? Wat vinden medewerkers en leerlingen ervan om weer thuis onderwijs te krijgen?

In aflevering 5 van onze coronareeks follow-up:

Susan Jansen-Zwart, adjunct-directeur BS Herman Gorter in Zaandam

 

Hoe harder je roept over achterstanden, hoe groter de onrust bij ouders

SSusan Jansen-Zwartusan begon dit schooljaar als adjunct-directeur op een nieuwe school. Daarvoor was ze 17 jaar lang leerkracht. Ze maakte de 1e lockdown dus mee als juf, en de huidige als schoolleider. Beide perspectieven kan ze nu goed gebruiken om samen met haar team het beste te maken van de nieuwe schoolsluiting.

Hoe is op jouw school de nieuwe schoolsluiting gegaan?

“Toen de 1e signalen kwamen dat we weer dicht moesten, ging iedereen in het team direct ‘aan’. Ik proefde niets van vermoeidheid of ‘pffff, daar gaan we weer’. Integendeel. Iedere bouw stak direct de koppen bij elkaar: hoe pakken we het aan? Hoe regelen we de noodopvang? Er werden veel ideeën uitgewisseld en in gang gezet.

Natuurlijk hoor ik ook wel geluiden dat het intensief en vermoeiend is. Maar onder het motto ‘we gaan het zo goed mogelijk voor de kinderen doen’ raakten we direct in een flow. Daar kreeg ik echt een kick van.

Dankzij de ervaringen en lessen van de 1e lockdown ging de overgang ook veel soepeler deze keer. Iedereen is nu gewend aan programma’s als Teams. En we weten wat goed werkt met digitaal onderwijs. Concreet is dat:

Structuur, rust en dagritme. Leerlingen hebben ook thuis die houvast nodig. Hoe leerkrachten dat precies invullen? Deels stemmen ze dat af, deels is er speelruimte. Zo begint één collega de dag met voorlezen. Hoe fijn is het om zó wakker te worden, met een verhaaltje van de juf?”

Wat doen jullie nu anders dan bij de vorige lockdown?

“Deze keer legden we direct de nadruk op contact: heb je alle kinderen in beeld? Hoe vaak? De vorige keer verdwenen sommige kinderen toch een beetje van de radar. Dat is deze keer niet gebeurd.

Daarnaast begeleiden de leerkrachten intensief bij het thuisonderwijs. Er zijn meer instructie- en contactmomenten voor de kinderen. Zo willen we ook ouders ontlasten, voor wie deze nieuwe sluiting ook weer moeilijk is.

Voor de rest is het met name een doorontwikkeling van de 1e sluiting: vorig jaar is een scala aan mogelijkheden ontstaan. Wat toen goed werkte, gebruiken we weer, én verfijnen we.”

Hoe is het voor jou om nu aan de kant van de schoolleider te staan?

“Het is mooi dat ik ook de ervaring als leerkracht heb. Want in die rol merkte ik hoe belangrijk ‘rust’ is. Terwijl juist onrust snel kan ontstaan door allerlei vormen van ruis. Met name als er geen duidelijkheid is. Daarom proberen we één lijn te trekken met elkaar: we maken heldere afspraken en houden ons daaraan.

Als je weet wat afgesproken is en waarom, weet je ook waar je grenzen moet trekken. Bijvoorbeeld als het gaat om noodopvang: hoe graag we álle kinderen ook willen toelaten, uiteindelijk hebben we een pandemie te bestrijden. Als de grenzen duidelijk zijn, weet je ook wanneer je een leerling niet naar school kan laten komen.

Daarnaast weet ik hoe belangrijk het is om samen, als team, stappen te maken in onderwijs op afstand. Want als de één harder gaat dan de ander, ontstaat onrust in het team. Maar ook thuis: als de ene leerling iets anders of meer aangeboden krijgt dan de andere binnen hetzelfde gezin, ontstaat dáár onrust.

Van de 1e lockdown leerde ik ook dat contact en verbinding binnen het team belangrijk is. Daar hebben we goed de aandacht voor. Zo organiseerde een leerkracht laatst een pubquiz.”

Afspraken maken onderling is één. Goed omgaan met meningen en vragen van buiten lijkt me lastiger…

“Klopt. Ook daarom is duidelijkheid zo belangrijk. Bij ons heerst het gevoel: we laten ons niet gek maken. Niet door elkaar, maar óók niet door anderen van buiten.

Er zijn verschillende scholen waarbij groep 8 naar school komt. Bij ons op school niet. Het is fijn dat daar een eenduidig besluit over is genomen. Los van dat besluit vraag ik mij af, als je een groep naar school laat komen, is groep 8 dan degene waarbij dat moet? Juist die leerlingen zijn gemiddeld zelfstandiger dan jongere kinderen. Zijn er geen andere groepen, die je veel beter kunt laten komen? En welke dan? Bovendien: als je kinderen laat komen, krijg je weer meer beweging op straat.

En als we dan naar onszelf kijken: in de bovenbouw hebben we verschillende besmettingen gehad. Als wij groep 8 ‘gewoon’ laten komen, zullen er leerkrachten zijn die zich daardoor onveilig kunnen voelen.

Kortom: zo’n beslissing kan leiden tot vragen, discussie en dus onrust, maar leidt nu tot duidelijkheid. Dus is onze lijn: alleen leerlingen in de noodopvang komen naar school.”

Maken jullie je zorgen over ontwikkelingsachterstanden bij leerlingen?

“Tja, daar wordt veel over gesproken in de media. Deels terecht, want sommige leerlingen zitten thuis echt in zorgelijke situaties. Maar ik vind ook dat we moeten oppassen als we het hierover hebben:

Hoe harder je roept dat er achterstanden ontstaan, hoe groter de onrust bij ouders wordt. Bovendien kun je je afvragen: wat is die ‘ontwikkeling’ dan? Is een kind niet altijd ‘in ontwikkeling’? De verschillen tussen kinderen zijn groot en ontwikkeling is heel breed.

En als het om leerachterstanden gaat: het systeem moet zich aanpassen, daarin zullen we met elkaar flexibel zijn. Wanneer de kinderen eenmaal weer op school komen, brengen we de situatie in kaart.

Ik wil het absoluut niet bagatelliseren. Wat ik wil zeggen is dat heel onderwijsland zich nu inzet om te kijken wat er wél kan. We zitten met z’n allen in dit schuitje. Dus laten we vooral samen sterk staan en voor de leerlingen doen wat in onze macht ligt, binnen de beperkingen. Uiteindelijk doen we dit om een hele duidelijke reden.”

Je hebt zelf 2 dochters. Hoe combineer je zélf je werk met thuisonderwijs?

“Mijn oudste dochter zit in het 2e van het VO. Die volgt boven braaf haar lessen. Mijn jongste zit in groep 7 en volgt ook veel online les. Beiden zijn ze heel zelfstandig; ik realiseer me dat ik daar mazzel mee heb…ook al denk ik dat we daar zelf ook nog wel iets voor gedaan hebben, haha!

Maar zelfs ik merk dat mijn kinderen het vervelend vinden als hun ouders zich bemoeien met hun schoolwerk. Dat is logisch; ook ik ben in de 1e plaats hun moeder. Daarom zeg ik, ook als schoolleider: laat leerkrachten zo veel mogelijk begeleiden, ook bij onderwijs op afstand. Daar zíjn ze voor. Bovendien dwingen hun ‘vreemde’ ogen net wat meer dan die van ouders. En leerkrachten hebben meer door: als een leerling een foto maakt van het werk van gisteren, zien ouders dat niet. Maar juf of meester? Die trapt daar niet in.”

Lees ook de andere interviews over leiderschapspraktijken in tijden corona.

Interview: Arjan Jonker, Waardevolle Webteksten