Persoonlijk Leiderschap
start 25 september 2019

De uitval onder startende leraren in het voortgezet onderwijs

Professionele leergemeenschappen en ondersteuning in relatie tot de uitval onder startende leraren in het voortgezet onderwijs

Sietske van der Meulen (2014)
Master Onderwijskunde, Universiteit van Amsterdam
Begeleiding: Femke Geijsel

Probleemstelling

In het onderzoek van Sietske stond de aanname centraal dat wanneer een school zich meer laat kenmerken als een professionele leergemeenschap, beginnende leraren zich beter ondersteund voelen bij hun werk. In theorie zou een professionele leergemeenschap het wederzijdse respect en de waardering voor ieders inbreng binnen een school vergroten, waardoor de ruimte en gelijkheid ontstaat om van elkaar te leren. De verwachting is dat beginnende leraren in een dergelijke werkomgeving meer ondersteuning zouden ervaren, waardoor de kans op uitval kleiner wordt.

Uitvoering van het onderzoek

Sietske vroeg zowel beginnende leraren die nog werkzaam zijn in het voortgezet onderwijs, als beginnende leraren die gestopt zijn met werken in het voortgezet onderwijs om een vragenlijst in te vullen. In totaal hebben 71 recent afgestudeerde leraren dit gedaan: 58 leraren werkzaam in het onderwijs en 13 leraren die aangaven het onderwijs te (hebben) verlaten. Ze reageerden op stellingen over hun school als een professionele leergemeenschap en over de ondersteuning die ze op hun school hadden ervaren. Ook beantwoorden ze de (open) vraag: “Hoe vind je het om in de onderwijssector werkzaam te zijn?”. Het aantal respondenten was dus beperkt, maar toch kwamen er significante en interessante verschillen naar voren in de analyse.

Resultaten

 

  1. Hoe meer een beginnende leraar de school kenmerkt als een professionele leergemeenschap, des te meer hij/zij zich ondersteund voelt door collega’s en schoolleiding.

Naarmate de beginnende leraren hun school meer typeerden als een professionele leergemeenschap, ervaarden zij ook meer ondersteuning van collega’s en vanuit de schoolleiding. Een gemeenschappelijk visie en gelegenheid tot collectief leren en werken bleken de belangrijkste bevorderende factoren voor de ondersteuning van collega’s en de schoolleiding.

 

  1. Significante verschillen tussen nog werkzame en gestopte leraren.

De groep gestopte leraren scoorde significant lager op de kenmerken van de school als professionele leeromgeving dan de nog werkzame leraren. Dat gold voor persoonlijke, interpersoonlijke, organisatiestructurele en organisatieculturele kenmerken van de school als professionele leergemeenschap. Datzelfde gold voor de ervaren ondersteuning. De groep gestopte leraren scoorde significant lager op ervaren ondersteuning van collega’s en vanuit de schoolleiding.

 

  1. Gestopte leraren onderscheiden zich met negatieve uitspraken over de schoolorganisatorische omgeving

De antwoorden van de twee groepen op de open vraag naar het algemene beeld van de onderwijssector werden eveneens vergeleken. Wat bleek? De nog werkzame beginnende leraren lieten zich systematisch positiever uit over het onderwijs dan de gestopte beginnende leraren. Van alle uitspraken over het onderwijs van de nog werkzame leraren was 57,6% positief, tegenover slechts 32,5% bij de gestopte leraren. Leraren, die nog werkzaam zijn in het onderwijs, zagen in hun werk meer autonomie en zelfstandigheid om zich te ontwikkelen, terwijl leraren, die gestopt zijn met lesgeven, voornamelijk positief waren over de omgang met leerlingen. Leraren die werkzaam bleven in het onderwijs noemden vooral het onderbetaald en ondergewaardeerd zijn als negatieve aspecten van het onderwijs. De gestopte leraren deden daarentegen vooral negatieve uitspraken over de organisatie. Genoemd werd het ontbreken van begeleiding en het gebrek aan kritisch vermogen en vernieuwingszin bij collega’s. Met name onder uitgevallen leraren werden bijvoorbeeld uitspraken gedaan over slecht hrm-beleid, afstompende cultuur in de school, en het niet op orde zijn van randvoorwaarden. Een van de gestopte leraren gaf aan het onderwijs “organisatorisch oninspirerend” te vinden.

Conclusie

Hoewel de reikwijdte van dit onderzoek klein is, suggereren deze bevindingen dat het geen kwaad kan om te streven naar de vormgeving van onderwijsorganisaties als professionele leergemeenschappen, waarin ondersteuning een belangrijke pijler is, om de uitval onder beginnende leraren te reduceren. Daarmee indiceert het onderzoek ook dat de school als werkomgeving mogelijk een grotere rol speelt bij het behouden van beginnende leraren voor het onderwijs dan we ons wellicht realiseren.

Lees binnenkort de resultaten van het vervolgonderzoek!